• Nieuws
  • De comeback van Nic en Marcia

De comeback van Nic en Marcia

Voor Nic en Marcia Pronk was 2019 een bewogen jaar. In januari gingen ze van start tijdens de strandrace Egmond-Pier-Egmond, kort daarop kregen ze te horen dat ze beiden kanker hadden. Inmiddels zit het behandeltraject erop en dat willen ze vieren tijdens de strandrace op 11 januari. In Le Champion Magazine deden ze hun verhaal.

Als we aankomen bij het gezellige Egmondse vissershuisje van Nic (34) en Marcia Pronk (38), staat de voordeur al wijd open. Terwijl Marcia thee zet, laat Nic alle sportfietsen zien die in de schuur aan plafondhaken hangen: een racefiets, een mountainbike en twee beachracers. Aan de tuintafel komt het gesprek snel op gang. De twee maken van hun hart geen moordkuil.

Marcia: ‘Gedurende ons hele ziekteverloop heb ik een blog bijgehouden op Instagram. Dat deed ik omdat het een goede uitlaatklep was, maar ook om alle mensen die meeleefden op de hoogte te houden.’
Nic: ‘Dat werkte prima. Ik hoefde geen goedbedoelde vragen meer te beantwoorden, de mensen wensten me rechtstreeks het beste.’

Even terug naar het begin. Op vrijdag 9 januari 2019 meldde Nic Pronk zich op het spreekuur van de huisarts, nadat hij een bultje op zijn teelbal had gevoeld. De huisarts aarzelde geen seconde en stuurde hem meteen door naar het ziekenhuis voor een echo. De uitslag zou na het weekend bekend zijn, maar Nic ging er al van uit dat hij teelbalkanker had. Toch besloot hij de dag erna samen met Marcia van start te gaan in de strandrace Egmond-Pier-Egmond. Hij voelde zich uitstekend en kon zich probleemloos focussen op de race.
‘Marcia heeft meer talent dan ik, ze kan erg goed fietsen,’ zegt Nic, terwijl hij terugblikt op de race. ‘Ik heb alle zeilen moeten bijzetten om haar voor te blijven, aan de finish had ik maar drie minuten voorsprong.’
Marcia: ‘Ik ben als 28e gefinisht bij de vrouwen, en daar was ik erg blij mee. Ik had met mijn trainingsgroep serieus getraind voor deze strandrace in onze woonplaats.’
Nic: ‘Op zondag ben ik gestart in de Egmond Halve Marathon, ik voelde me sterk en liep een prima wedstrijd. Op maandag kreeg ik officieel te horen dat ik teelbalkanker had, op woensdag ging ik onder het mes.’
Marcia: ‘Rond diezelfde tijd voelde ik een bultje in mijn borst zo groot als een knikker. De huisarts schreef meteen een verwijsbriefje. Op vrijdag 1 februari ging ik naar het ziekenhuis voor een echo en een mammografie, vervolgens werd er een punctie gezet. Op de echografie was afwijkend weefsel te zien, en toen er nog een arts bij werd geroepen voor een second opinion, wist ik eigenlijk wel hoe laat het was. Ik had borstkanker en er werden ook nog uitzaaiingen in de oksel gevonden. Op de dag dat ik dat allemaal te horen kreeg, begon meteen mijn behandeling.’

Nic: Het was heel onwerkelijk allemaal, eerst was ik de patiënt om wie alles draaide, nu werd ik tevens toeschouwer. Ik vond het moeilijker dat Marcia kanker had, dan dat ik het zelf had.’
Marcia: ‘Half Egmond verkeerde in shock. Mensen stonden met tranen in de ogen aan de deur, we werden omhelsd en er lagen stapels wenskaarten op de mat. Alle beroering was onze drie dochtertjes niet ontgaan, we moesten hen gaan uitleggen dat papa en mama allebei ziek waren.’
Nic: ‘We konden niet goed beseffen wat ons overkwam, daarvoor was het allemaal te complex. Je schakelt automatisch naar een soort zelfbeschermingsmodus. Maar we moesten wel door, voor onze kids.’
Marcia: ‘Na vijf maanden chemo ben ik geopereerd. Bij die ingreep zijn mijn borsten, eileiders en mijn eierstokken verwijderd.’

Nic: ‘Humor hield ons op de been. Zonder borsten zit je wel lekker aerodynamisch op de fiets, zei ik. Lachen hielp, de omstandigheden waren tenslotte al serieus genoeg. We hebben ook contact gehad met een medisch-maatschappelijk werkster. Na een intake-gesprek zei ze: “Ik zie het al, jullie steken goed in je vel, ik maak me geen zorgen.” Die mentale weerbaarheid danken we absoluut aan onze achtergrond als sporters. We zijn in staat om diep te gaan en inzinkingen te overwinnen. Ook tijdens de chemo zijn we gewoon blijven fietsen. Ik knapte enorm op van de koude wind, het strand en zoute lucht – een weldadig contrast met dat muffe ziekenhuis. Ik kon alleen minder hard en ver dan voorheen.’
Marcia: ‘Voor mij zat trainen met mijn fietsgroep er niet meer in en dat vond ik misschien nog wel het ergste. De chemo had me echt uitgeput. Ik houd van hard en technisch rijden op het strand, maar de explosieve kracht die daarvoor nodig is, was ik helemaal kwijt.’
Nic:Ik wilde in topvorm de kanker bestrijden en heb veel profijt van mijn fitheid gehad. Ik ben inmiddels weer gezond en heb in principe een even grote of kleine kans om kanker te krijgen als ieder ander.’
Marcia: ‘Mijn tumor is weg en er zijn twee okselklieren verwijderd. Daar volgt nog een bestraling op, voor de zekerheid. Ik verwacht dat ik daarna mijn oude krachten snel terugvind.’
Nic: ‘Egmond-Pier-Egmond 2020 staat natuurlijk op ons to-do-lijstje. Dat wordt een mijlpaal. We zijn een jaartje van slag geweest, en zie: we staan weer in het startvak. Van ziek naar behandeld tot genezen. Nu weer met volle kracht vooruit, de toekomst tegemoet. Waardig uitfietsen is voldoende.’
Marcia: ‘Misschien zit ik twee uur lang te janken op mijn fiets, maar dat geeft niet. We zijn er nog, dat is het belangrijkste.’

Tekst: Peter Klooster
Foto: Frank Ruiter

Dit verhaal staat in Le Champion Magazine. Deze ontvangen de bijna 20.000 leden van Le Champion. Wil je ook gebruik maken van de voordelen als lid? Kijk dan hier